Zoeken
Sluit dit zoekvak.
Categorieën
Bewegen Hormonen Leefstijl Voeding

Wat je nog niet weet over je baarmoeder

Wat je nog niet weet over je baarmoeder

Heb jij vroeger geleerd hou jouw lijf werkt? Wat het nodig heeft en hoe het, onder invloed van allerlei hormonen, verandert? Het is verbazingwekkend hoe weinig aandacht hieraan besteed wordt en hoe weinig we dus eigenlijk weten. Laten we daar vandaag in ieder geval wat verandering in aanbrengen.

Waar het allemaal begon

Onder invloed van oestrogeen, luteïniserend hormoon en testosteron barst ongeveer halverwege je cyclus een rijpe eicel uit een van de follikels in je eileiders en begint de reis naar je baarmoeder. Spermacellen zwemmen het eitje tegemoet en de twee smelten samen. Het eitje is nu bevrucht en wordt een zygoot genoemd. In de eerste week na de bevruchting tuimelt de zygoot verder door de eileider naar beneden waarbij het zichzelf diverse keren deelt en uiteindelijk in de baarmoeder terecht komt en nestelt zich in de baarmoederwand.

De cellen blijven zich delen en vormen uiteindelijk een bal met twee lagen. Eén ervan is het embryo, de andere is de placenta. De placenta zorgt niet alleen voor voeding en zuurstof, maar geeft ook allerlei hormonen en andere signaalstoffen af die van belang zijn voor het in stand houden van de zwangerschap en de voorbereiding op de uiteindelijke bevalling.

"De placenta bestaat uit dezelfde cellen van de embryo en heeft daarmee dus ook een biologisch geslacht"

Dit bepaalt vervolgens hoe de placenta werkt en hoe deze de baby beschermt tegen onder andere stress, infectie, voeding van de moeder. Het zou zelfs zo zijn dat de placenta van meisjes baby’s een iets betere bescherming biedt dan die van jongensbaby’s.

Vrij direct na de bevruchting beginnen je hersenen en je zenuwstelsel zich al te ontwikkelen. Pas na zes tot 8 weken start de ontwikkeling van het geslacht. Tot die tijd zijn meisjes en jongensembryo’s dus nog hetzelfde. Ze hebben wel allebei een andere chromosoom combinatie (jongen XY of een meisje XX) Na zes tot acht weken wordt een gen op het Y-chromosoom (jongens embryo) actief wat ervoor zorgt dat de ontwikkeling van de testikels in gang wordt gezet. De afwezigheid van dit gen zorgt ervoor dat bij meisjes de vrouwelijke geslachtsdelen (baarmoeder, eileiders en vagina) worden gevormd.

Baarmoeder

Je baarmoeder bestaat uit drie delen, het bovenste deel (fundus) zit boven de opening naar je eileiders, het middelste deel is het lichaam (corpus uteri) en is wat vaak wordt aangeduid met “baarmoeder” en tot slot de baarmoederhals die je baarmoeder met je vagina verbind. Deze heeft een smalle opening (baarmoedermond) die maar af en toe open gaat:

  • tijdens je menstruatie om bloed af te voeren
  • rond je ovulatie om spermacellen binnen te laten zodat het eitje bevrucht kan worden
  • bij de geboorte zodat de baby geboren kan worden

De vorm (die nog het meest lijkt op een omgekeerde peer) en positie van je baarmoederhals en -mond veranderen gedurende je cyclus. Je baarmoeder is ongeveer 7,5 cm lang, 5 cm breed en de wanden zijn ca 2,5 cm dik. De baarmoederhals ligt tijdens je menstruatie lager waardoor je deze meer zou kunnen voelen tijdens seks (of als je met een vinger je vagina binnen gaat). De baarmoederhals trekt zich verder terug naar binnen rond je ovulatie om de afstand die sperma moet afleggen te verkleinen. Het duurt dan alsnog ca twee tot zeven uur voordat de spermacellen daadwerkelijk de eileiders bereiken. Moeder natuur wil niks liever dan dat er een bevruchting plaatsvindt dus dit is haar manier om dit proces te vergemakkelijken.

De baarmoederhals produceert ook baarmoederslijm. Dit slijm zegt veel over je vruchtbaarheid, gezondheid en over de fase waarin je je tijdens je cyclus bevindt. Dit kan dus ook een indicator zijn voor je om beter af te stemmen op je cyclus.

Je baarmoederwand is opgebouwd uit 3 lagen:

  • Perimetrium, de dunne buitenste laag van je baarmoeder
  • Myometrium, de middelste laag wat bestaat uit onder ander spierweefsel en in actie komt tijdens de bevalling (weeën)
  • Endometrium (baarmoederslijmvlies), de binnenste laag waar een bevrucht eitje zich nestelt tijdens een zwangerschap. Is er geen zwangerschap dan wordt dit slijmvlies afgestoten en word je ongesteld.

Tijdens de tweede helft van je cyclus wordt deze wand steeds dikker om zo een goed nestje te kunnen zijn voor een eventueel bevruchte eicel. Het endometrium zwelt op tot 18 mm dikte (aan het begin van je cyclus was dit 4 mm). Ben je niet zwanger dan stopt kort voor je menstruatie de progesteron productie. Hierdoor breekt het baarmoederslijmvlies af en komt je menstruatie op gang. Spotting is nog niet je daadwerkelijke menstruatie, maar meer een gevolg van een verminderde progesteron productie. Menstruatiebloed is helderrood van kleur en “stroomt of “vloeit” daadwerkelijk.

Eierstokken, eileiders en eicellen

Aan de bovenkant van je baarmoeder zitten je eileiders (links en rechts). Ze zijn ca 10 cm lang en zijn op hun beurt weer verbonden met je eierstokken. Je eileiders bevatten uitstulpsels en trilhaartjes die een vrijgekomen eitje opvangen en dan via de eileider naar de baarmoeder op weg helpen.

Een buitenbaarmoederlijke zwangerschap vindt plaats wanneer een eitje bevrucht is en zicht nestelt in de eileider. Dit is geen plek waar een zwangerschap kan plaatsvinden. Het eitje is niet levensvatbaat en moet door middel van medicatie of operatie verwijdert worden.

Je eierstokken liggen aan het einde van je eileiders en zijn door middel van verschillende banden verbonden aan je baarmoeder en de bekkenwand. Het zijn eigenlijk klieren in de vorm en grootte van een amandel. Het zijn de vrouwelijke geslachtsklieren (het mannelijke equivalent van de testikels). Ze hebben twee rollen:

  • Produceren van verschillende hormonen waarvan de meest bekende oestrogeen, progesteron en testosteron zijn. Deze hormonen spelen een belangrijke rol tijdens je maandelijkse cyclus.
  • Produceren van een rijpe eicel tijdens elke menstruatiecyclus en deze afgeven tijdens je ovulatie

We worden geboren met een vaststaande hoeveelheid eitjes. Tijdens de zwangerschap is dit  aantal het hoogst, zo’n 7 miljoen, maar al tijdens diezelfde zwangerschap neemt dit aantal sterk af en uiteindelijk word je geboren met ongeveer 1 miljoen eitjes. Tijdens je puberteit zijn hier “nog maar” 400.000 van over. Niet alle eitjes redden het om uiteindelijk voldoende te rijpen en tijdens je ovulatie vrij te komen (dit zijn er ongeveer 400-450 in je hele leven). De eitjes die het niet redden sterven af en worden weer door je lichaam opgenomen. Alleen de eitjes van de hoogste kwaliteit rijpen en worden vrijgegeven tijdens je ovulatie.

Vanaf je puberteit rijpen dagelijks nieuwe eicellen. Dit gebeurt in follikels, een soort huisje voor je eicel waarin ze beschermt kunnen rijpen. Wanneer je ovuleert en de eicel voldoend gerijpt is, barst deze uit het follikel en heb jij je eisprong.

"Alles wat je wel of niet doet tijdens deze én voorafgaande periodes zijn van invloed op de kwaliteit van je eicellen"

In je eierstokken bevinden zich dus ook zogeheten slapende (onrijpe) eicellen. Ongeveer 190 dagen voordat de eisprong plaatsvindt ontwikkelen deze slapende eicellen een bloedtoevoer en beginnen te rijpen. Een snelle rekensom leert ons dus dat de eicel ca 6 maanden nodig heeft om van onrijpe cel naar ovulatie te komen. Dit betekend dus dat alles wat je wel of niet doet tijdens deze voorafgaande periode van invloed is op de kwaliteit van je eicellen.

 

Afstemmen op je cyclus

Je cyclus is een weerspiegeling van je algehele gezondheid en vanwege de hormonale gevoeligheid kan deze op allerlei verschillende manier beïnvloed worden. Denk aan stress op je werk, problemen in je relatie, gewichtstoename of juist gewichtsverlies, veel alcohol, roken, slecht slapen, sporten of juist niet sporten, ongezond of juist gezond eten. Wanneer je je cyclus in kaart brengt en veranderingen in je gezondheid aanbrengt om zo ook de kwaliteit van je eicellen te vergroten moet je dus niet alleen stilstaan bij je huidige cyclus en de afgelopen maand, maar ook de cyclus daarvoor en zelfs die van een half jaar geleden. Wat er toen gebeurde heeft invloed op de kwaliteit van je eicellen en cyclus vandaag de dag.

Laat je vooral niet ontmoedigen hierdoor, maar juist motiveren om andere keuzes te maken. Iedere dag weer om zo je gezondheid, vruchtbaarheid en cyclus te verbeteren. Het in balans brengen van je hormonen is geen quick fix of one size fits all. Het is heel specifiek voor jou en heeft tijd nodig. Hierdoor kun je misschien ook de druk van presteren of in een korte tijd resultaat helen verminderen. Kleine stapjes leveren namelijk uiteindelijk een groot resultaat op. Stel je voor dat je de komende 6 maanden de tijd neemt om hier aan te werken, wetende dat die 6 maanden dus een enorm verschil kunnen maken. Wat zijn 6 maanden dan op een heel leven?

Categorieën
Bewegen Hormonen Leefstijl Voeding

Verliefd op je hormonen, dit doen ze voor je

Verliefd op je hormonen, dit doen ze voor je

Je hebt vast wel eens van hormonen gehoord, maar weet je ook precies wat het zijn en vooral wat ze doen? De meest bekende hormonen zijn de geslachtshormonen, oestrogeen, progesteron en testosteron. Vandaag de dag, met alle stress die we ervaren heb je misschien ook al wel gehoord van cortisol en insuline. Ook dit zijn hormonen. Vaak worden hangt er een wat negatieve vibe om hormonen heen, maar ze doen juist fantastische dingen in je lijf!

Het woord hormoon komt van het Griekse woord “hormao” wat zoveel betekend als “in beweging brengen”. Dit is precies wat hormonen doen. Het zijn stoffen die door bepaalde klieren (ook wel endocriene klieren genoemd) in ons lichaam in kleine hoeveelheden worden aangemaakt. Ze worden door het bloed vervoerd om vervolgens ergens anders in je lichaam werkzaam te zijn of een bepaalde reactie in gang te zetten. Het worden daarom ook wel boodschapperstoffen of signaalstoffen genoemd.

We hebben door ons hele lijf verschillende van deze klieren zitten die hormonen produceren. In onze hersenen zitten de hypofyse, hypothalamus en pijnappelklier. Andere klieren zijn de eierstokken (of testikels bij een man), bijnieren (liggen op de nieren), schildklier (aan de voorzijde van je hals, naast het strottenhoofd), bijschildklier (aan de achterkant van de schildklier) en pancreas (ook wel alvleesklier welke vlak bij je lever en net boven je maag ligt).

"Er circuleren, de hele dag door, wel honderd verschillende hormonen door je lichaam"

De functie van hormonen

Gedurende de dag verschillen de hoeveelheden van de verschillende hormonen, afhankelijk van het tijdstip van de dag, wat je op dat moment doet en de fase waarin je je in je maandelijkse cyclus bevindt. Je hormonen hebben de taak om ervoor te zorgen dat het evenwicht in je lichaam wordt bewaard. Er circuleren, de hele dag door, wel honderd verschillende hormonen door je lichaam. Hormonen beïnvloeden onder andere je stofwisseling, honger en verzadigingsgevoel, groei, waterhuishouding, seksuele functies (libido) en het functioneren van het zenuwstelsel. Ze kunnen zelfs je gedrag en daarmee ook je persoonlijkheid beïnvloeden.

Ieder hormoon heeft een heel specifieke werking en om ervoor te zorgen dat alles goed werkt is het belangrijk dat de zogeheten doelcel, de cel die ervoor gemaakt is om het signaal of de boodschap van een specifiek hormoon te ontvangen, het hormoon ook als zodanig herkent. Om hier een betere voorstelling bij te krijgen kun je dit het beste voorstellen als een sleutel en een slot. Het hormoon is de sleutel en deze past alleen op een specifiek slot, de doelcel. Als de sleutel past dan vindt er een reactie plaat, gaat de deur open en gaat de cel doen wat het hormoon hem “opdraagt” om te doen.

De receptoren (sloten) zitten op onze cellen, bijvoorbeeld op organen of andere klieren door ons hele lichaam. Het ene hormoon heeft een bredere werking, er zitten door het hele lichaam of op bijna iedere cel een receptor voor dat specifieke hormoon, dan het andere. In het laatste geval zitten er alleen receptoren op bepaalde plekken of zijn er minder receptoren in je lijf aanwezig.

"Aanhoudende of langdurige stress kan ervoor zorgen dat je niet ovuleert en dus ook niet zwanger wordt"

Het zelfregulerende vermogen van je lijf

Je lichaam houdt door middel van diverse feedbacksystemen continu in de gaten of er teveel of te weinig van een bepaald hormoon aanwezig is in je bloed. Als er teveel van een bepaald hormoon in je bloed stroomt wordt de verantwoordelijke klier afgeremd en als er te weinig is wordt de klier juist aangezet om meer van het hormoon te produceren. Deze feedbacksystemen worden ook wel assen genoemd. Zo heb je de hypothalamus-hypofyse-ovarium as waarbij de hypothalamus de hypofyse opdracht geeft om je eierstokken te vertellen dat ze hormonen moeten aanmaken.

Verder heb je nog de hypothalamus-hypofyse-bijnier as welke een belangrijke rol speelt bij de stressrespons. Hierbij geeft de hypothalamus de hypofyse de opdracht aan je bijnieren om hormonen aan te maken zoals adrenaline wanneer er sprake is van stress. Hiermee wordt de fight or flight reactie getriggerd. Deze as remt je voortplantingssysteem en kan er, vooral bij aanhoudende stress, voorkomen dat je ovuleert en dus zwanger kunt worden. Deze as signaleert namelijk dat het geen goed moment is om zwanger te worden vanwege (aanhoudende) stress. Dit kan zijn omdat er een extreme ramp is gebeurd waardoor je stress ervaart, maar het kan ook stress zijn welke veroorzaakt wordt door honger (diëten), overmatig sporten (fysieke stress), emotionele stress (ruzie, slechte relatie of eenzaamheid) of iedere andere vorm van aanhoudende stress.

Dan is er ook nog de hypothalamus-hypofyse-schildklier as waarbij de schildklier de opdracht krijgt om schildklierhormonen aan te maken. De schildklier speelt voornamelijk een rol bij onze stofwisseling en is verbonden met de ovarium as. Wanneer de schildklier te traag of juist te snel werkt leidt dat vaak ook tot menstruatieklachten.

Hormonen en je menstruatiecyclus.

Je weet inmiddels waarschijnlijk wel dat oestrogeen, progesteron en testosteron een belangrijke rol spelen tijdens je maandelijkse cyclus, maar dit zijn niet de enige hormonen. Laten we eens gaan kijken welke er nog meer een rol spelen.

Gonadotropin-releasing hormone (GnRH) kun je zien als de baas over je cyclus en wordt aangemaakt in je hypothalamus. Vanuit je hypothalamus komt het terecht bij je hypofyse waarop deze twee ander hormonen gaat aanmaken: follikelstimulerend hormoon en luteïniserend hormoon (daarover zo meer). Deze twee hormonen communiceren vervolgens weer met je eierstokken en zorgen ervoor dat je follikels rijpen en uiteindelijk een eicel vrijgeven tijdens je ovulatie.

De naam zegt al wat het follikelstimulerend hormoon (FSH) doet, namelijk de follikels stimuleren zodat de eicellen kunnen rijpen. Dit hormoon wordt actief aan het begin van je cyclus, nog tijdens je menstruatie wanneer de hormonen, die betrokken zijn bij je cyclus, laag zijn. Wanneer de geselecteerde follikel begint met oestrogeen aan te maken, doet FSH een stap terug. Zodra een bepaalde oestrogeen spiegel is bereikt, doordat de follikel oestrogeen aanmaakt, komt FSH terug en samen met het luteïniserend hormoon zorgen ze ervoor dat de rijpe eicel uiteindelijk uit de follikel barst (ovulatie).

Het luteïniserend hormoon (LH) is uiteindelijk de drijvende kracht achter de ovulatie. De afgifte van LH wordt, in de 24 uur voor de ovulatie, gestimuleerd door oestrogeen dat op dat moment haar hoogtepunt bereikt. LH stimuleert op haar beurt FSH om nóg meer oestrogeen aan te maken en de gezamenlijke actie zorgt uiteindelijk voor de ovulatie. Als de eicel het follikel heeft verlaten ontstaat het corpus luteum (het gele lichaam). Dit is een tijdelijke klier die progesteron produceert en afgeeft tijdens de tweede helft van je cyclus, na de ovulatie. Als het deze taak heeft volbracht wordt het vervolgens opgenomen door je lichaam.

 

"Oestrogeen zorgt ervoor dat jij je als een femme fatale gedraagt. Progesteron is de meer introverte tegenhanger die ervoor zorgt dat je het liefst de hele dag je joggingbroek aanhoudt"

Het oestrogeen waar we het over hebben is eigenlijk een verzamelnaam voor 3 verschillende vormen van oestrogeen:

  • oestradiol (vooral in vruchtbare vrouwen)
  • oestriol (vooral in zwangere vrouwen)
  • oestron (vooral in vrouwen na de menopauze)

We hebben het hier dus eigenlijk over oestradiol dat wordt afgegeven door de zich ontwikkelende follikels. Het speelt de boventoon tijdens de eerste helft van je cyclus (van menstruatie tot ovulatie). Het zorgt er vooral voor dat jij er op je best en meest vrouwelijk uitziet. Het maakt je gezicht symmetrischer, laat je huid en je haar stralen en zorgt ervoor dat jij lekker in je vel zit, vol zelfvertrouwen en sexy. Oestrogeen zorgt ervoor dat je ronde heupen en borsten hebt, het geeft je je vrouwelijke vormen. Het geeft je humeur een boost en zorgt ervoor dat je je goed voelt doordat het invloed heeft op je serotonine. Serotonine op haar beurt regelt weer je humeur, slaap, eetlust en heeft een libido verhogend effect.

De tegenhanger van oestrogeen is progesteron dat op haar beurt rustgevend en kalmerend is en ervoor zorgt dat je je meer naar binnen keert. Dit hormoon domineert tijdens de tweede helft van je cyclus (van ovulatie tot menstruatie). Het zorgt ervoor dat je het liefst met rust gelaten wilt worden en met je joggingbroek op de bank ploft. Progesteron en oestrogeen zijn direct met elkaar verbonden en werken het beste in een bepaalde verhouding tot elkaar.

Is deze balans er niet dan ontstaan er problemen (denk aan Yin en Yang). Oestrogeen zorgt voor de opbouw van het baarmoederslijmvlies en progesteron stopt de groei ervan, stabiliseert en breekt het af als het niet nodig is. Oestrogeen zorgt voor groei van de borstcellen, progesteron zorgt ervoor dat cellen niet gaan woekeren. Oestrogeen zorgt ervoor dat je water en zout vasthoudt, progesteron is een natuurlijk vocht afdrijvend middel.

Als ze in balans zijn dan voel je je lekker, je botten zijn sterk, je huid gehydrateerd en gezond, je metabolisme doet zijn werk en je humeur is stabiel. Van de twee is oestrogeen het hormoon dat domineert en vaak is er dan ook sprake van een oestrogeen overschot in plaats van een progesteron tekort. De verhouding klopt niet en juist die verhouding tussen beiden is van belang voor een goed evenwicht. Is er een oestrogeen overschot dan is de kans groot dat je last hebt van gevoelige borsten, vocht vasthouden, pijnlijke en/of hevige menstruaties, stemmingswisselingen, neerslachtigheid of depressie, kun je je moeilijk concentreren, heb je moeite met slapen of vaker last van hoofdpijn.

Vaak wordt gedacht dat testosteron een mannelijk hormoon is, maar dit hormoon wordt ook door vrouwen geproduceerd, al zij het in veel kleinere hoeveelheden. Testosteron is het actie hormoon en zorgt ervoor dat je actief, ambitieus, sexy, competitief bent en boost je zelfvertrouwen en je libido. Het helpt onder andere met het opbouwen en behouden van spieren en botdichtheid en is dus een belangrijk hormoon.

Tijdens je cyclus is er een piek in je testosteron productie rondom je ovulatie. Samen met oestrogeen, LH en FSH zorgt het voor je ovulatie en al die geweldige gevoelens die je rond die tijd hopelijk ervaart.

Produceer je teveel testosteron dan kunnen er vervelende klachten ontstaan zoals ongewenste haargroei (op gezicht, armen en benen), acne, een zwaardere stem, PCOS, insuline resistentie, depressie, gewichtstoename en juist een afname van je libido. Testosteron kan ook worden omgezet in oestrogeen. Dit gebeurt in vetcellen waar het enzym aromatase testosteron omzet in oestradiol. Hoe meer vetcellen je hebt, hoe groter de kans dat je zowel een overschot aan testosteron als oestrogeen ontwikkelt.

"Ons hormonale systeem is een zeer delicaat systeem dat zichzelf goed kan regelen, maar ook maar tot op een bepaalde hoogte"

Hormonen en je cyclus

Nu weet je welke hormonen vooral een rol spelen tijdens je cyclus en ook wat er gebeurt als bepaalde hormonen uit balans zijn. Doordat de verschillende assen (feedbacksystemen) met elkaar gelinkt zijn kan een probleem op de ene as ook weer een probleem op een andere as veroorzaken (kettingreactie). Ons hormonale systeem is een zeer delicaat systeem dat zichzelf goed kan regelen, maar ook maar tot op een bepaalde hoogte. Wellicht kun je aan de hand van deze informatie beter duiden waar bepaalde klachten vandaan komen of geeft het je meer inzicht in je maandelijkse cyclus en de fases waar je doorheen gaat.